Hoe stroom ik door van havo naar vwo?

Het vwo bereidt leerlingen voor op een opleiding in het hoger onderwijs. Havo is geen vooropleiding voor vwo. Het vwo is niet voor iedere havo-leerling geschikt. Scholen met een vwo-afdeling hebben doorgaans een aantal toelatingsregels voor het doorstromen naar het vwo na het behalen van een havo-diploma. De regels vind je terug in de schoolgids. Jaarlijks stromen er in Nederland zo’n 2.500 leerlingen vanuit het havo door naar het vwo. De kans op een baan meteen na het behalen van een universitair diploma is groot.

Havo geen vooropleiding voor vwo

Het havo bereidt leerlingen in principe voor op het hoger beroepsonderwijs (hbo). Voor havo-leerlingen bestaat wel de mogelijkheid om na het diploma door te stromen naar vwo-5. Scholen (en afdelingen van dezelfde school) werken samen om leerlingen en hun ouders goed te informeren over de aansluiting op het vwo en mogelijke obstakels. Het havo is namelijk niet voor elke leerling geschikt. Vwo-scholen hanteren meestal toelatingsregels voor doorstromers vanuit het havo.

Toelatingsregels toegestaan

Er bestaat geen wettelijke regeling voor de overgang van havo naar vwo. Scholen mogen wél zelf eisen stellen. De medezeggenschapsraad praat wel mee over de toelatingsregels op de school. Veel scholen hanteren een gemiddeld eindcijfer van minimaal een 6,8 voor de examenvakken. Andere mogelijke regels zijn:

  • een positief advies van de vakdocenten
  • een gemiddeld cijfer van minimaal 6,8 voor Nederlands, Engels en Wiskunde
  • een intake-gesprek en motivatiebrief
  • een aanvullende toets voor een extra vak dat in vwo-5 onderdeel uitmaakt van het onderwijsprogramma, maar de leerling op het havo niet heeft gevolgd

Regels voor doorstromen op je eigen school? Kijk in de schoolgids!

Scholen zijn vrij om hun beleid te bepalen. De regels per school verschillen. Het gemiddelde eindcijfer kan dus lager, hoger of er kan zelfs helemaal geen gemiddeld eindcijfer als eis zijn. Ben je van plan om door te stromen? Lees dan zo vroeg mogelijk, het liefst al in de onderbouw van het havo, hoe dit op jouw eigen school is geregeld. Natuurlijk kan je ook kijken welke toelatingsregels andere scholen hanteren. De precieze regels voor doorstromen op jouw eigen school of de school waar je misschien naartoe wilt kan je terugvinden in de schoolgids of op de website van de school.

Cijfers doorstroom en slagingspercentages vwo

Jaarlijks stromen ongeveer 2.500 leerlingen na het examen door van havo naar vwo. Het slagingspercentage op het vwo ligt hoger ten opzichte van het vwo, maar iets lager op het vmbo. Jaarlijks zakt tussen de 8% en 10% van de eindexamenkandidaten in het vwo. Het percentage dat zakt voor het havo-eindexamen is ongeveer 12%. Het is niet duidelijk of dit komt door de instroom vanuit het havo. Alle percentages zijn redelijk constant, gezien over de afgelopen jaren.

Beroepskansen na het vwo

Het havo bereidt leerlingen voor op een opleiding aan de universiteit (wo) of het hoger beroepsonderwijs (hbo). Jaarlijks gaan ongeveer 26.000 leerlingen na het vwo naar de universiteit en 3.000 leerlingen naar het hbo. In 2015 hadden 3 op de 4 wo-studenten die uitstroomden meteen een baan. Een universitair masterdiploma geeft meer kans op een baan dan een bachelordiploma. De uurlonen voor gediplomeerde master-studenten liggen hoger dan die van bachelor-gediplomeerden.

Meer informatie

Meer informatie over de overstap van vmbo naar havo is hier te vinden: www.onderwijsconsument.nl/hoe-stroom-ik-door-van-vmbo-naar-havo.

[1] Cijfers over arbeidsmarktsituatie jongeren (15 jaar tot 27 jaar) zijn gebruikt. Bron: ‘Statline arbeidsmarkt situatie jongeren (15 tot 27 jaar)‘ van CBS

[2] Cijfers over gediplomeerden vmbo naar uitstroombestemming. Bron: ‘Onderwijs in cijfers, 2017’ van OCW, DUO en CBS.

[3] Cijfers over arbeidspositie van uitstromers uit het wo. Bron: ‘Onderwijs in cijfers, 2017’ van OCW, DUO en CBS.

[4] Cijfers over uurlonen van uitstromers uit het wo. Bron: ‘Onderwijs in cijfers, 2017’ van OCW, DUO en CBS.

[5] Cijfers over slagingspercentages in het vo. Bron: ‘Onderwijs in cijfers, 2017’ van OCW, DUO en CBS