‘Geen grip op het systeem’

Dit is de tekst die Lisa van der Winden op donderdag 19 maart 2015 heeft ingesproken in de Amsterdamse gemeenteraadscommissie Jeugd & Cultuur. 

Geachte leden van de commissie Jeugd en Cultuur,
Mijn dochter is drie: tijd voor het kiezen van een basisschool. Leuk, dachten we: fijn scholen bekijken en dan kiezen we de leukste uit. Vanuit mijn achtergrond in het basisonderwijs dachten we dat dat het makkelijk zou worden. Het nieuwe beleid gaat er voor zorgen dat deze procedure eerlijker en transparanter verloopt, helemaal goed.

Maar zo leuk en makkelijk blijkt het in de praktijk niet. Niet alleen voor ons, maar voor alle ouders die we de laatste tijd spreken in Noord.

We schrokken van ons rijtje voorrangsscholen: maar liefst zes scholen met een hele eenzijdige populatie en met een heel klassikaal systeem. We willen graag een buurtschool, met wel een met een onderwijssysteem dat past bij onze opvattingen over hoe kinderen leren en het liefst goed gemend. Gelukkig zaten die er ook bij: een Montessori en een Dalton. Maar bij het bezoeken van deze scholen blijkt dat we daar weinig kans maken, ondanks dat ze in ons voorrangslijstje staan: er zijn daar bijna geen plekken te vergeven.

We bezochten toch ook de andere scholen in ons rijtje: schattige kleine buurtschooltjes, maar met een heel erg eenzijdige populatie. Een initiatief om een groepje ouders bij elkaar te brengen om een ouderinitiatief te starten en een buurtschool daardoor diverser te maken mislukt: we vinden te weinig ouders die daar voor durven te kiezen.

Kortom: eigenlijk zijn al onze voorrangsscholen dus geen optie en ook buiten ons voorrangsgebied zien we geen kans op een plek op een fijne school.

Hoe werkt dat computersysteem eigenlijk?

Dus… wat nu?

  • Welke school moeten we nu op nummer 1 zetten? Hoe werkt dat computersysteem eigenlijk? Kiezen we voor onze echte voorkeursschool, wat het BBO ons aanraadt? Terwijl deze buiten onze voorrangsscholen valt en waar nog maar één plek vrij is? Of moeten we strategisch inschrijven en zetten we een b keuze die wel binnen ons voorrangsgebied valt op plek 1, terwijl we daar ook bijna geen kans maken?
  • Of moeten we verhuizen naar een buurt met interessantere voorrangsscholen of zelfs naar buiten de stad? Ik sprak meerdere ouders die dit serieus overwegen.
  • Misschien moeten we gewoon afwachten totdat er een grote chaos ontstaat? Als straks na de loting blijkt dat heel veel ouders niet genoeg geïnformeerd waren en er 100 boze ouders opstaan omdat ze een plek toegewezen hebben gekregen op een school die op hun vijfde, zesde of zelfs tiende plaats staat? Misschien dat een deel van die ouders straks wel durft te kiezen voor een ouderinitiatief?

Mijn dochter is natuurlijk maar een individueel geval. En men maakt beleid nou eenmaal niet voor individuele gevallen. Maar zo ken ik in mijn directe omgeving nog minstens dertig individuele gevallen in Amsterdam Noord. Deze ouders hebben zich al neergelegd bij een systeem dat de keuzevrijheid van ouders belemmert. Maar als zoveel van die ouders aangeven dat het voelt alsof ze moeten zwemmen zonder zwemdiploma doordat ze geen grip hebben op het systeem, dan lijkt me dat er iets niet klopt.

Wat wij nu dus moeten doen? Misschien heeft u een tip, want ik weet het niet meer.

Praat mee

Reageren? Post uw reactie onder aan de pagina van de groep Ouders voor keuzevrijheid basisonderwijs, op die pagina vindt u ook meer informatie over de activiteiten van deze groep.