Samenwerkingsverband passend onderwijs nu ook verantwoordelijk voor LWOO en PRO

Op 1 augustus 2015 is de nieuwste verandering doorgevoerd op het terrein van passend onderwijs. Een jaar eerder is de wetgeving passend onderwijs ingevoerd. Samenwerkingsverbanden van scholen waren vanaf dat moment verantwoordelijk voor ondersteuning op reguliere scholen, speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs. Met de nieuwste wijziging worden samenwerkingsverbanden ook verantwoordelijk voor LWOO en PRO.

Wetswijziging LWOO en PRO

Leerwegondersteunend onderwijs (LWOO) en Praktijkonderwijs (PRO) zijn vormen van voortgezet onderwijs voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. Vanaf 1 augustus 2015 valt deze ondersteuning onder de wetgeving passend onderwijs en onder samenwerkingsverbanden voortgezet onderwijs. De eerste maanden bereiden samenwerkingsverbanden zich voor op de nieuwe verantwoordelijkheden. Het ondersteuningsplan wordt aangepast als dat nodig is, er wordt overlegd met de ondersteuningsplanraad en er worden afspraken gemaakt. Vanaf 1 januari 2016 zijn de samenwerkingsverbanden volledig verantwoordelijk.

Wat verandert er?

De verwijziging naar LWOO en PRO vindt nu nog plaats via Regionale Verwijzingscommissies (RVC’s). Deze RVC’s komen per 2016 te vervallen. Een aanvraag wordt vanaf dat moment gedaan bij het samenwerkingsverband.
De criteria voor verwijzen naar LWOO en PRO veranderen nog niet gelijk. De landelijke criteria blijven nog twee jaar gehandhaafd. Voor LWOO kunnen de scholen in een samenwerkingsverband er voor kiezen om toch al eigen criteria vanaf 2016 te hanteren. Dat wordt een ‘opt-out’ genoemd. In Amsterdam is er voor gekozen om dat niet te doen, en blijven de landelijke criteria voor zowel LWOO als PRO voorlopig geldig.
Voor leerlingen en hun ouders verandert er de komende jaren dus nog weinig. Wel is het zo dat het samenwerkingsverband zal gaan kijken naar verschillende manieren om ondersteuning op voortgezet onderwijs mogelijk te maken. Dit kan op langere termijn betekenen dat bijvoorbeeld de verwijzingen veranderen, of dat ondersteuning anders wordt georganiseerd.