Thuiszitters en passend onderwijs

Géén thuiszitters meer: dat is één van de belangrijke doelstellingen van de invoering van passend onderwijs. Maar wanneer is iemand een thuiszitter, en hoe kan thuiszitten worden voorkomen en opgelost?

Hoeveel thuiszitters zijn er?

Er zijn verschillende definities van wanneer een kind of jongere een thuiszitter is. Daarom verschillen ook de aantallen thuiszitters van onderzoek tot onderzoek. Het ministerie van OCW hanteert voor een thuiszitter de definitie ‘Leerlingen die ingeschreven zijn op school, maar langer dan 4 weken thuiszitten’. Daarnaast is er ‘absoluut verzuim’. Daarbij gaat over leerlingen die wel leerplichtig zijn, maar niet op een school staan ingeschreven en dus niet naar school gaan. Een derde groep zijn leerlingen die zijn vrijgesteld van de leerplicht omdat ze niet in staat zouden zijn tot het volgen van onderwijs. Deze vrijstelling vindt plaats op basis van een specifieke situatie, zoals een ernstige meervoudige handicap. In het schooljaar 2014-2015 waren er volgens deze definities ongeveer 4.000 thuiszitters en bijna 6.000 situaties van absoluut verzuim. In hetzelfde jaar waren er ruim 5.000 leerlingen met een vrijstelling op basis van artikel 5a van de leerplichtwet. In totaal zijn er dus ongeveer 15.000 leerlingen in de leerplichtige leeftijd die geen onderwijs volgen. Een overzicht van de aantallen, trends en definities is te lezen in deze kamerbrief uit 2016.

Waarom zit iemand thuis?

Voor de groep leerlingen die leerplichtig zijn is er door Ingrado onderzoek gedaan naar de oorzaken van het thuiszitten. Uit het onderzoek blijkt dat bij het overgrote deel van de kinderen die thuiszitten vaak meerdere problemen tegelijk spelen. Gemiddeld gaat het om 3 problemen per thuiszitter. De achterliggende redenen van thuiszitten zijn divers. De 5 meest voorkomende redenen, vaak in combinatie, zijn volgens Ingrado:

  • Psychiatrische problemen: (vermoedens van) angsten, fobieën, psychische problematiek, psychiatrische stoornis
  • Gedragsproblemen: problematisch gedrag naar anderen (oppositioneel)
  • Wachten op opvang: de opnemende instelling is niet in staat direct actie te ondernemen
  • Bureaucratie: regels en procedures, waarbij geen rekening gehouden wordt met de problematiek van de jongere
  • Thuisproblematiek: ontbreken van structuur, onvoldoende houvast, onrust, gebroken gezin, ouders met psychiatrische stoornis

Wat wordt eraan gedaan?

Met de komst van passend onderwijs is de zorgplicht ingevoerd. Deze zorgplicht maakt duidelijk dat de school waar een leerling is ingeschreven of zich heeft aangemeld, verantwoordelijk is voor plaatsing. Ook gaan scholen nauwer samenwerken om thuiszitten tegen te gaan en wordt samengewerkt met de gemeente om onderwijs, leerplicht en jeugdhulp goed op elkaar af te stemmen. In 2016 is het ‘Thuiszitterspact‘ getekend door de staatssecretarissen Martin van Rijn (VWS) en Sander Dekker (OCW), de Vereniging Nederlandse Gemeenten, de PO-Raad, de VO-raad en het ministerie van Veiligheid en Justitie. Ook in Amsterdam zijn afspraken gemaakt om het aantal thuiszitters terug te brengen.

Zit uw kind thuis?

Als uw kind momenteel geen onderwijs krijgt en thuis zit, kunt u het beste uw kind alsnog inschrijven op een volgens u passende school. Het schoolbestuur is verplicht om ervoor te zorgen dat uw kind op een passende plek onderwijs krijgt. Dit gaat natuurlijk niet vanzelf, en goede samenwerking met school en eventuele jeugdhulp is belangrijk. Komt u er niet uit met de school, kijk dan hier over wat u kunt doen.