Superleuk, met strenge regels

Adam Rahouti en Malvina Lučić, foto Mats van Soolingen
Adam Rahouti (13): “De docenten op het Barlaeus zijn top. Ze zitten vol energie en dat slaat op ons over. Daardoor krijg je zin om te leren.

Je maakt hier heel snel vrienden. Ook met vijfdeklassers, omdat die als hulpmentoren met het eerstejaarskamp meegaan, meteen in de eerste week. We deden kennismakingsspelletjes en we maakten theater, dus je mocht optreden, superleuk. Maar daarna moesten we wel aan de bak. Ik wist niet eens wat een SO was, een schriftelijke overhoring. Als eerste moesten we twintig woordjes voor Frans leren. Als je dat gewoon deed, haalde je een 10. Eigenlijk had de hele klas wel een 10. Bij ons vallen weinig onvoldoendes, want de meeste kinderen zijn heel gemotiveerd. Iedereen wil winnen, ook met sporten. Laatst deed de hele klas mee aan een hardloopevenement.

We hebben ook een klassentoernooi, vorig jaar speelden we daar zwerkbal, geïnspireerd op Harry Potter.”

‘De docenten zitten vol energie, dat slaat op ons over’

Malvina Lučić (16): “We doen veel leuke buitenschoolse activiteiten, zoals het Barlaeus Youth Parlement, een weekend stevig debatteren. Iedereen noemt zich dan ook vol trots Barlaeaan. Vrienden van andere scholen zijn soms jaloers op de leuke dingen die wij doen. Er wordt hier ook absoluut niet gepest.

In de leerlingenraad wilde ik al vanaf de eerste, omdat ik de campagnes zo leuk vond. Maar het zijn altijd leerlingen uit de vijfde. Nu ik zelf in dat jaar zit, heb ik mijn kans gegrepen. Mijn vriendje zit er ook in. Het belangrijkste wat we doen, is de schoolfeesten en andere activiteiten organiseren. Je krijgt geld voor het hele jaar en je moet overleggen waaraan je dat uitgeeft.

Het is een superleuke school, maar er zijn ook wel strenge regels. Als je een keer te laat was, moet je ’s morgens al om acht uur komen. En als je een les hebt gemist door spijbelen, zelfs al om kwart voor acht. Dan moet je in een lokaal gaan zitten werken of lezen.”

Dit portret van het Barlaeus Gymnasium werd eerder gepubliceerd in de Parool Scholengids 2015.