Haarlemse ouders verliezen zaak om loting

De voorzieningenrechter in Haarlem heeft de ouders die voor hun kinderen een plaats eisten op het categorale Stedelijk Gymnasium in die stad, in het ongelijk gesteld. De zaak ging over de loting die het bestuur van het gymnasium toepast.

Algemene toegankelijkheid
Een aantal ouders was naar de rechter gestapt, omdat zij voor hun kinderen een plaats eisten op het Stedelijk Gymnasium in Haarlem. Ze voerden onder meer aan dat de school geen loting mocht uitvoeren, omdat dat in strijd zou zijn met de algemene toegankelijkheid van het openbaar onderwijs.

De voorzieningenrechter, die zich baseert op artikel 23 van de Grondwet en de artikel 5 en 7 van de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO), is het daar niet mee eens. Deze artikelen bepalen volgens de rechter alleen dat er voldoende openbaar voortgezet onderwijs aanwezig moet zijn, waaronder onderwijs op vwo-niveau, maar er staat nergens vermeld dat ouders voor hun kinderen recht hebben op categoraal gymnasiumonderwijs.

Toelatingsbevoegd
Ook andere standpunten van de ouders werden door de voorzieningenrechter verworpen. Zo was de rector van het Stedelijk Gymnasium wel degelijk bevoegd om besluiten te nemen over het al of niet toelaten van leerlingen. De ouders zeiden dat alleen het bestuur dat mocht doen, maar in het managementstatuut is volgens de rechter duidelijk vastgelegd dat de rector van het bestuur beslissingsbevoegdheid heeft.

De voorzieningenrechter vindt voorts dat de school de ouders voldoende heeft geïnformeerd over de mogelijkheid dat er kinderen konden worden uitgeloot. De rechter hecht geen waarde aan beweringen van de ouders als zouden zij door leerkrachten al zijn gefeliciteerd met de toelating van hun kind. Afgezien van de vraag of dit überhaupt zou zijn gebeurd, benadrukt de rechter dat leraren niet toelatingsbevoegd zijn.

De rechter volgde het bestuur en de school in hun argument dat loting noodzakelijk is vanwege de beperkte beschikbare huisvesting. Het is volgens de rechter voldoende aannemelijk gemaakt dat het tekort aan lokalen niet op korte termijn kan worden opgelost, ook niet extern.

Uitspraak Haarlem