‘De leraren zijn nooit negatief’

Susanne Overdevest en Romy Tran, foto Joris van Gennip
In de onderbouw van Panta Rhei vind je overal inspirerende teksten, van Anne Frank tot Nelson Mandela, maar ook van leerlingen zelf. “Heel leuk,” vindt Romy Tran (13). “En het is fijn dat de bovenbouw in een apart gebouw aan de overkant zit.” Dat maakt het minder druk en gezelliger.

Susanne Overdevest (15) vond het niet moeilijk om een school te kiezen: “Het is net als met shoppen, je moet gewoon ergens tegenaanlopen en het meteen leuk vinden.” En hier wist ze meteen dat ze goed zat.

Eerst zat Susanne in de Media & Entertainmentklas, waar ze twee voorstellingen maakte met leerlingen uit andere jaren. Nu is ze overgestapt naar Sport, Dienstverlening & Veiligheid: “Dat past beter bij wat ik later wil doen. We doen er ook veel met computers.”

‘Een school kiezen is net shoppen: je moet het meteen leuk vinden’

Beide meiden zijn blij met hun leraren. Susanne: “Ze zijn duidelijk en streng op een prettige manier. Ze stimuleren je echt.” Romy: “Ze zijn nooit negatief, ook niet bij een slecht cijfer. Dan zeggen ze: ‘Je hebt je best gedaan, je kunt het wel’. Dat geeft moed om door te zetten.”

Voor de leerlingen in de onderbouw is er elke dag een leerpleinuur, waarin ze onder begeleiding aan hun weektaak werken. Zo leren ze goed plannen. In de bovenbouw moet je meer thuis werken, merkt Susanne, maar op school krijgt ook zij begeleiding. Zo geeft haar economiedocent haar elke week een half uurtje extra les.

Panta Rhei heeft geen leerlingenraad, maar wel leerlingenlunches. Daarbij eet steeds een ander groepje leerlingen met de schoolleiding, zodat ze op een informele manier met elkaar over de school kunnen praten.

Ook kiest elke klas twee klassenvertegenwoordigers. Romy: “Een paar leerlingen die met een goede reden te laat waren bij gym, werden toch als te laat opgeschreven. De klassenvertegenwoordigers hebben dat toen opgelost. En elke periode doen we wat leuks met de klas, dat regelen zij ook.”

Dit portret van de Panta Rhei werd eerder gepubliceerd in de Parool Scholengids 2015.