Elk jaar met anderen in een klas

Max Schippefelt en Sanne van Rijn, foto Mats van Soolingen
Ze denkt wel tien scholen bezocht te hebben. Tweedeklasser Sanne van Rijn (14): “De uiteindelijke top drie gaf ik cijfers en punten voor dingen zoals de sfeer op school, het gebouw, de weg ernaartoe en het gevoel dat ik er bij had.”

Uiteindelijk was dat gevoel doorslaggevend in haar keuze voor het Pieter Nieuwland. En? “De sfeer is relaxed, het voelt nog steeds goed. Alleen werken we minder met de iPad dan ik had gedacht.”

Dat ervaart vijfdeklasser Max Schippefelt (17) anders. “Thuis werk ik er intensief mee, vooral aan werkstukken. En ik maak er mijn aantekeningen op. Je hebt meteen overzicht en het blijft leesbaar.”

Max is voorzitter van de leerlingenraad (en ook lid van Laks, het Landelijk Aktie Komitee Scholieren). “We discussiëren, er worden kritische vragen gesteld en er wordt altijd een oplossing gezocht. Heel leuk. We houden nu een gerichte enquête om de proefwerkweek over twee weken uit te smeren.

‘Aantekeningen maak ik op de iPad, dan blijven ze leesbaar’

Max is het eens met Sanne dat de sfeer op school bijzonder is. “Dat komt ook omdat je elk jaar met andere leerlingen in een klas zit. Er is ook haast geen groepjesvorming.” Het mentorschap, waarbij eersteklassers een mentor uit de bovenbouw hebben, helpt daarbij. Sanne: “Die mentor komt ook in de pauze vragen hoe het met je gaat. Dat geeft je het gevoel dat je iedereen gewoon kunt benaderen.”

Sanne heeft de school er niet op uitgekozen, maar ze vindt de vwo-plusklas een aanrader. “Ik vind techniek erg leuk. En doordat je bij Science grote dingen maakt, zoals laatst een planetarium in maquetteformaat, wordt het nog leuker.”

Het Pieter Nieuwland is ook een creatieve school, vindt Sanne. “Neem de rozenactie, die is zo leuk.” Max legt uit: “Je kunt een roos kopen en daar een berichtje bij schrijven. De leerlingenraad zorgt dan dat de roos bezorgd wordt. Vorig jaar gingen er tweehonderd rozen doorheen!”

Dit portret van het Pieter Nieuwland College werd eerder gepubliceerd in de Parool Scholengids 2015.