Ouders bezorgd over lesuitval en lerarentekort

Lesuitval en het lerarentekort zijn de belangrijkste zorgpunten van ouders met schoolgaande kinderen in het voortgezet onderwijs. Dit blijkt uit de jaarlijkse Onderwijsmeter die minister Plasterk vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Waardering ouders afgelopen jaren stabiel
Ondanks de zorgen zijn ouders met kinderen in het basis- en voortgezet onderwijs over het algemeen tevreden over het onderwijs. Zij geven de kwaliteit van de school van hun eigen kinderen respectievelijk een 7,8 en een 7,4. Het meest tevreden zijn ouders over de leraren in het basisonderwijs. Zij krijgen van ouders een 7,9, het hoogste cijfer tot nu toe. Het oordeel over leraren in het voorgezet onderwijs en vmbo is onveranderd ten opzichte van vorige jaren (7,1). Als meest genoemde succesfactoren in het onderwijs noemen de respondenten de individuele aanpak en begeleiding in het basisonderwijs, de ontwikkeling van vaardigheden in het voortgezet onderwijs en de praktijkgerichtheid van het middelbaar beroepsonderwijs. Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) peilt jaarlijks de mening van ouders van schoolgaande kinderen en Nederlanders over het onderwijs. De waardering van ouders met schoolgaande kinderen is de afgelopen jaren stabiel. Hieronder volgt een selectie uit de samenvatting over meningen van ouders, de volledige Onderwijsmeter 2006 is als download beschikbaar onderaan deze pagina.

Ouders in het basisonderwijs

  • In het algemeen zijn ouders met kinderen in het basisonderwijs tevreden over de school van hun kind. Dit geldt zowel voor de aandacht voor de verschillende programmaonderdelen en aandachtsgebieden als voor de pro-actieve opstelling van de school ten opzichte van ouders. De meeste ouders zijn positief over de mate waarin de school hen informeert en betrekt bij de school.
  • De helft van de ouders vindt dat ze voldoende invloed kunnen uitoefenen op de gang van zaken op school. Een ruime meerderheid van de ouders weet waar ze op school met hun klachten terecht kunnen.
  • Ook volgens ouders is individuele aandacht en begeleiding de voornaamste (meest spontaan genoemde) succesfactor in het basisonderwijs. Wel blijven ouders zich zorgen maken over de grootte van de klassen (zowel spontaan als geholpen) en, waarschijnlijk daarmee samenhangend, een gebrek aan individuele aandacht. Daarnaast wordt een gebrek aan geld voor het basisonderwijs als voornaamste (spontane) zorgpunt genoemd.
  • Vaker dan in 2005 worden vakinhoud, goed ontwikkelde lesmethodes en ouderbetrokkenheid spontaan genoemd als succesfactor.
  • Persoonlijke ontwikkeling blijft voor ouders een belangrijk aspect. Het is het enige programmaonderdeel waarvoor een meerderheid van de ouders meer aandacht vraagt. Tevens wordt dit punt als succesfactor genoemd in de vorm van het aanleren van vaardigheden, zoals zelfstandigheid, je kunnen uiten, zelfontplooiing en plannen.
  • Een kleine groep ouders met een kind in het basisonderwijs maakt gebruik van buitenschoolse opvang. De verantwoordelijkheid voor deze buitenschoolse opvang verdelen ouders (net als Nederlanders) over de overheid en ouders. Als de school van het kind de buitenschoolse opvang zou coördineren geven meer ouders aan er gebruik van te maken.

Ouders in het voortgezet onderwijs

  • Ook in het voortgezet onderwijs is individuele begeleiding de meest genoemde succesfactor. Eveneens wordt vaak het aanleren van vaardigheden zoals zelfstandigheid, jezelf kunnen uiten, zelfontplooiing en plannen genoemd.
  • De meeste ouders met een kind in het voortgezet onderwijs geven aan dat de school van hun kind voldoende onderwijstijd aanbiedt. De praktijk wordt anders ervaren: de meeste ouders met kinderen in het voortgezet onderwijs hebben meer dan één keer per week met lesuitval te maken. Lesuitval voert dan ook de lijst van spontaan genoemde zorgpunten aan.
  • Naast lesuitval noemen veel ouders spontaan gedragsproblemen als voornaamste zorgpunt in het voortgezet onderwijs. Gedragsproblemen staan eveneens bovenaan de lijst van voorgelegde zorgpunten. In voorgaande jaren gaven wel meer ouders aan zich hierover zorgen te maken.
  • Meer ouders dan vorig jaar noemen de inhoudelijke vernieuwingen in het onderwijs en de kwaliteit van het onderwijs spontaan als zorgpunt. Vernieuwingen in het onderwijs staan tevens hoog op de lijst van voorgelegde zorgpunten samen met het personeelstekort, de werkdruk van leraren en de werkdruk voor leerlingen. De trend dat steeds minder ouders zich zorgen maken over het personeelstekort blijft doorzetten.
  • Gemiddeld gezien zijn ouders met een kind in het voortgezet onderwijs iets minder tevreden dan in 2005 met de hoeveelheid aandacht die geschonken wordt aan de verschillende programmaonderdelen. Zij vragen vaker om meer aandacht voor de programmaonderdelen dan ouders met kinderen in het basisonderwijs. De meeste extra aandacht wordt gevraagd voor feitenkennis. De trend dat ouders vragen om meer aandacht voor sociale vaardigheden blijft doorzetten.
  • De beoordeling van de kwaliteit van het VMBO door ouders is significant gestegen ten opzichte van voorgaande jaren en krijgt dit jaar met een 7,4 de hoogste beoordeling sinds het begin van de metingen in 2004. Nederlanders blijven het VMBO het laagste rapportcijfer geven van alle onderwijstypen.
  • De meeste Nederlanders en ouders geven aan dat het VMBO een goede basis biedt voor vervolgopleidingen.
  • Binnen het VMBO spelen zorgen over gedragsproblemen en veiligheid sterker dan binnen het overige voortgezet onderwijs.

Onderwijsmeter 2006