Tekst en Uitleg bij de Parool Scholengids 2013

In Parool Scholengids 2013 staan alle scholen voor het voortgezet onderwijs in Amsterdam. Daarbij vindt u specifieke informatie over de school die is verzameld door OCO. Een toelichting op de belangrijkste begrippen.

Algemene informatie

Meteen onder de naam van de school staan de soorten onderwijs die er worden aangeboden, van praktijkonderwijs tot en met vwo. Een aantal scholen heeft havo- en/of vwo-kansklassen, die de mogelijkheid bieden door te stromen naar een hoger niveau. Het technasium is een variatie op het gymnasium met extra aandacht voor bètavakken in plaats van de klassieke talen. Onder adres vind je hier de algemene gegevens van de school en de contactpersoon. Ook onder welk schoolbestuur de school valt en of de school particulier, openbaar of bijzonder (interconfessioneel, katholiek, etc ) is. toelating: hier staat of de school de afgelopen jaren heeft moeten loten. Ook staat hier vermeld of er voorrangsregels zijn voor de toelating.

Onderwijs

onderwijsconcept: de uitgangspunten en kenmerken van het onderwijs op de school.
sectoren: op het vmbo kies je in klas 3 één van de vier sectoren: techniek, economie, zorg & welzijn of landbouw. Binnen deze sectoren worden afdelingen aangeboden (bijv. administratie of verzorging). Onderwijs waarin meer sectoren aan bod komen, heet een intersectoraal programma, bijv. sport, dienstverlening & veiligheid.
bijzonderheden: bijzondere keuzevakken of andere onderscheidende informatie in het onderwijsaanbod.

Voorzieningen

leerlingen: het symbool + achter het leerlingenaantal betekent dat het aantal leerlingen groeit, – geeft een daling aan.
elo: elektronische leeromgeving: hier staat beschreven of de school gebruik maakt van elektrische leermiddelen als bijv. smartboards, laptops en of er bijv. Magister of TeleTop wordt gebruikt om cijfers in te kunnen zien.
veiligheid: wat doet de school aan veiligheid: camera’s, hekken, pasjes, surveillance of kluisjes? Hier staan ook de gedragsregels beschreven.
kantine: onderscheidende artikelen in het aanbod.

Brugperiode

indeling: als je van de basisschool een ‘dubbeladvies’ hebt meegekregen, bijvoorbeeld havo/vwo, ben je verplicht een school te zoeken waar die beide onderwijssoorten worden aangeboden. Hier staat aangegeven welke brugklassen de school aanbiedt waarin verschillende niveaus worden gecombineerd. Soms zijn er ook sportklassen of andere bijzondere brugklassen.
huiswerk: hoeveel uur huiswerk kun je verwachten en wat voor begeleiding is er?
studiebegeleiding: sommige scholen doen veel aan studiebegeleiding in de les, andere roosteren daar aparte uren voor. Soms wordt in de brugklas ook les in studievaardigheden gegeven door de mentor.
leerlingzorg: sommige scholen screenen alle leerlingen bij binnenkomst op leerproblemen of -achterstanden. Veelvoorkomende hulp op sociaal-emotioneel gebied is faalangstreductietraining en sociale vaardigheidstraining. Hulp bij dyslexie verschilt per school wat betreft begeleiding en mogelijkheden. Hulp voor schoolwisselaars en andere risicoleerlingen kan gegeven worden door een switchmedewerker. Alle scholen hebben een zorgcoördinator en zijn aangesloten bij zorgbreedtecommissies met experts zoals de schoolarts, leerplichtambtenaar, Bureau Jeugdzorg en de politie. Omdat dit standaard is, wordt dit verder niet vermeld, tenzij de school geregeld experts in huis heeft, zoals een psycholoog of orthopedagoog. Ook staat hier het percentage leerlingen dat een rugzakje (leerlinggebonden financiering) heeft.

Extra

buitenschools: toneel, muziek, sportdagen, schoolfeesten en andere bijzonderheden buiten de lessen om.
excursies: werkweken, thema-excursies, uitwisselingsprojecten, cultuurreizen etc.
inzet leerlingen: hoe dragen leerlingen bij aan het onderwijs op hun school? Dat kan bijvoorbeeld zijn als mentor, of als mediator: bemiddelaar bij conflicten tussen leerlingen. Sommige scholen zetten ouderejaars ook in voor huiswerkbegeleiding of bijles.
voor ouders: wat biedt de school aan onderscheiden de mogelijkheden voor ouders? Dit kan bijvoorbeeld een ouderraad zijn of themabijeenkomsten voor ouders.
kosten: scholen maken vaak onderscheid tussen ‘vrijwillige’ ouderbijdrage en min of meer verplichte schoolkosten voor materialen en excursies, die eigenlijk ook vrijwillig zijn. OCO telt al deze bedragen bij elkaar op.

Kwaliteit

slagingspercentage: hier staan de laatst beschikbare percentages, uitgesplitst naar niveau.
toezicht: de onderwijsinspectie geeft een oordeel over de school: ‘basis’ = geen risico’s voor de kwaliteit van het onderwijs, ‘zwak’ = de kwaliteit vertoont belangrijke tekortkomingen, ’zeer zwak’ = kwaliteit beneden aanvaardbaar niveau.
leerlingoordeel: weergegeven in een cijfer van 1 (laagste cijfer) tot 10 (hoogste cijfer). In de Vensters voor Verantwoording van de school staan de cijfers van alle onderdelen waar de leerlingen een cijfer voor hebben gegeven.
ouderoordeel: weergegeven in een cijfer van 1 (laagste cijfer) tot 10 (hoogste cijfer). In de Vensters voor Verantwoording van de school staan de cijfers van alle onderdelen waar de ouders een cijfer voor hebben gegeven.

Open dagen

Welke dagen kun je de school bezoeken? Tip: bezoek niet alleen je favoriete school, maar ook één die na de eerste lotingsronde waarschijnlijk nog plek heeft.