Wat betekent de leerlingenkrimp of leerlingendaling in het onderwijs?

Er worden de afgelopen tien jaar steeds minder kinderen geboren. Dit heeft invloed op het onderwijs. Minder kinderen worden aangemeld op de basisschool. Meer scholieren verlaten het voortgezet onderwijs, dan dat er instromen. Scholen krijgen per leerling een vergoeding van de overheid. Door de leerlingenkrimp krijgen sommige scholen veel minder geld. Dit leidt tot fusies en zelfs sluiting van scholen. In Amsterdam wordt geen leerlingenkrimp, maar juist een groei verwacht van het aantal leerlingen.

Minder kinderen is minder scholen

Ouders kiezen tegenwoordig bewuster voor kinderen. Gezinnen hebben in deze tijd ook minder kinderen dan vroeger. Minder kinderen worden aangemeld op school. Scholen krijgen juist per leerling een vergoeding van de overheid. De overheid geeft de school geld om onderwijs te geven aan leerlingen. De leerlingendaling leidt er uiteindelijk toe dat scholen minder leerlingen of klassen krijgen.

Minder instroom dan uitstroom

Het basisonderwijs heeft al 10 jaar te maken met minder leerlingen. Dit schooljaar werden er zelfs 20.000 minder kleuters aangemeld op school ten opzichte van het schooljaar ervoor. De afgelopen jaren raakte de daling met name dorpen met relatief kleine scholen. Echter worden er overal minder kinderen geboren. Afgelopen schooljaar zijn er in het hele land 100 basisscholen gesloten.

Harde cijfers

Vanaf aankomend schooljaar daalt ook het aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs voor het eerst. Er zullen minder leerlingen instromen dan het voortgezet onderwijs verlaten. Volgens cijfers van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) maakten 210.299 leerlingen de stap van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs. Het totaal aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs kwam daarmee op 992.015 leerlingen. Dat was nog 11.000 leerlingen meer dan het jaar ervoor.

Leerlingendaling zet door

De leerlingendaling houdt aan. Uit cijfers van DUO blijkt dat 130 van alle 650 instellingen dit jaar te maken krijgen met een leerlingenkrimp. In Nederland krijgen 63 instellingen te maken met een leerlingenkrimp tussen de 7,5 en 15%, 67 instellingen krijgen te maken met een leerlingendaling van meer dan 15%. Er zijn scholen die in 2015 in leerlingenaantal zijn gehalveerd ten opzichte van 2010.

Amsterdamse scholen zien groei

Andere scholen zien hun leerlingenaantal juist verdubbelen. Dit komt doordat een aantal scholen zijn gesloten of zijn gefuseerd. Het is te verwachten dat steeds meer scholen zullen fuseren. Met name het vmbo en het praktijkonderwijs krijgen last van de leerlingendaling. Steeds meer leerlingen stromen vanuit het basisonderwijs rechtstreeks door naar havo of vwo. Deze scholen krijgen dus te maken met een dubbele leerlingendaling. In Amsterdam wordt zelfs een groei verwacht van het aantal leerlingen. Amsterdamse scholen krijgen dan ook niet direct te maken met de leerlingenkrimp.

Meer info

Meer informatie over leerlingendaling is te vinden op www.leerlingendaling.nl. De volledige leerlingenprognose van Dienst Uitvoering Uitvoering is hier te raadplegen. De cijfers zijn genomen over de periode 2010-2015.