Kiezen moet je (stimu)leren

Op donderdag 14 januari 2010 heeft het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) samen met de Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB) een onderzoeksrapport gepresenteerd. Het onderzoek ‘Kiezen moet je stimu(leren)’ geeft de ervaringen van leerlingen met de overstap van vmbo naar mbo weer.

Resultaten
De houding van leerlingen ten opzichte van hun studiekeuze is afwachtend. Leerlingen verwoorden dit als volgt: ‘Ik ga niet uit mezelf op zoek. Ik weet niet eens waarnaar ik moet zoeken’ of ‘Ik weet dat je folders kunt halen bij de decaan, maar daar zou ik niet zo snel naar binnen lopen’. Toch is het niet zo rechtlijnig als het lijkt. Uit de resultaten blijkt namelijk een paradox: er is wel het besef dat nadenken over je toekomst belangrijk is, maar er wordt geen actie ondernomen. Leerlingen geven aan dat ze eerder, gerichter en serieuzer met hun studiekeuze om zouden moeten gaan.

Aanbevelingen
Een paar interessante aanbevelingen zijn:

  • Leerlingen hebben behoefte aan realistische en concrete informatie
    Op open dagen is er de neiging om alles mooier voor te stellen dan het in werkelijkheid is. Hierdoor ontstaat er bij vmbo leerlingen geen realistisch beeld van de opleiding. Daarbij willen leerlingen concrete informatie over hun toekomst ontvangen: wat kun je met de opleiding worden, waar kun je gaan werken en hoeveel kun je ermee verdienen.
  • Scholen moeten meeloopdagen (meer) promoten
    De leerlingen geven aan dat meeloopdagen beter bevallen dan open dagen. Er is veel behoefte aan deze vorm van kennismaken met hun toekomstige opleiding. Van de meeloopdagen die mbo’s nu al organiseren zijn de meesten niet op de hoogte.
  • Verplicht leerlingen niet om naar bepaalde open- of meeloopdagen te gaan
    Dat leerlingen een aantal open- of meeloopdagen moeten bezoeken mag wel verplicht worden, maar welke ze moeten bezoeken dat willen leerlingen zelf uitmaken. Zodra de dagen veranderen in een schoolopdracht, ontstaat er tegenzin.
  • Geef leerlingen weinig folders en informatieboekjes
    Leerlingen willen niet veel informatie op papier ontvangen. En als ze folders en informatieboekjes krijgen, dan moet de informatie uitgebreid en actueel zijn.
  • De decaan moet een actievere houding aannemen
    Op dit moment is de drempel voor veel jongeren te hoog om zelf contact op te nemen met de decaan. Ze willen graag een decaan die toegankelijk is en zelf de dialoog met de leerlingen aan gaat. De decaan moet meer zichtbaar en bekend zijn bij leerlingen.