Problemen in het islamitisch onderwijs ernstig

De staat van het islamitisch onderwijs in Nederland is reden tot grote zorg. Dat stellen de beide staatssecretarissen van Onderwijs op basis van een onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs. Bij 86% van de islamitische schoolbesturen is sprake van problemen met de besteding van het geld dat ze van het Rijk ontvangen. De kwaliteit van het onderwijs is bij bijna de helft van de islamitische schoolbesturen onder de maat. De staatssecretarissen pakken onregelmatigheden aan en grijpen in om de kwaliteit van het islamitisch onderwijs te verbeteren. Uitgangspunt hierbij is het belang van de kinderen: elk kind heeft recht op goed onderwijs.

Terugvordering 2,5 miljoen euro
Het onderzoek wijst uit dat er bij 86% van de islamitische besturen problemen zijn met de besteding van het geld dat ze van het Rijk ontvangen. Eerder maakte OCW bekend meer dan 2 miljoen euro terug te vorderen. Het ministerie vordert nu extra maximaal 2,5 miljoen euro terug. Het gaat om de volgende onrechtmatigheden:

  • Bestuursleden op de loonlijst die niet het werk hebben gedaan waarvoor ze waren aangesteld
  • Dienstverbanden die achteraf zijn uitgebreid
  • Leerlingenvervoer uit rijksmiddelen betaald
  • Excursies zonder educatief karakter

Medezeggenschap en kwaliteit
Bijna de helft van de islamitische basisscholen is zwak tot zeer zwak, in de rest van het basisonderwijs is dat 11%. De twee middelbare scholen zijn zeer zwak. Kinderen krijgen op deze scholen niet de kwaliteit onderwijs die ze verdienen. Ten aanzien van de medezeggenschap constateert de Inspectie dat de helft van de schoolbesturen hun medezeggenschap niet goed georganiseerd heeft.

Maatregelen
De maatregelen die het ministerie neemt, zijn zowel gericht op het aanpakken van onregelmatigheden van individuele besturen als op de verbetering van het islamitisch onderwijs in zijn algemeen. Als de kwaliteit van het onderwijs in gevaar komt, grijpt het ministerie in. Zwakke en zeer zwakke islamitische scholen komen onder geïntensiveerd toezicht van de Inspectie te staan. Bestuurlijke en financiële onregelmatigheden worden stevig aangepakt. Bij vermoeden van strafbare feiten heeft het ministerie aangifte gedaan. Tot nu toe heeft het ministerie aangifte gedaan tegen het bestuur van SIS Heerlen, SIS Helmond, en Ibn Ghaldoun. Bij SIS Almere heeft het bestuur zelf aangifte gedaan. Indien de positie van het bestuur onhoudbaar is geworden, zal het ministerie aandringen op vertrek van het bestuur.

De problemen bij de islamitische scholen en schoolbesturen zijn groot. Vanuit de sector moet een breed traject opgezet worden om de problemen op te lossen. De PO-Raad is gevraagd hierover te adviseren, in overleg met de VO-raad en andere partijen. Tot slot zal het kabinet voor het eind van het jaar een wetsvoorstel over goed bestuur bij de Tweede Kamer indienen. Met dit wetsvoorstel krijgt het ministerie van Onderwijs meer mogelijkheden om op te treden als de kwaliteit van het onderwijs en het handelen van bestuursleden ernstig tekortschiet.

Rapport onderwijsinspectie ‘Bestuurlijke praktijken in het islamitisch onderwijs’

Kamerbrief: aanbieding thema-onderzoek islamitisch onderwijs