Wat is hoogbegaafdheid?

Ouders spelen een belangrijke rol in het herkennen van de hoogbegaafdheid van hun kind en in de zorg voor de juiste begeleiding. Hoogbegaafde kinderen hebben een hoge intelligentie, maken grote denkstappen, hebben een hoge mate van zelfstandigheid, zijn creatief en hebben een apart gevoel voor humor.

Hoogbegaafdheid wordt vaak niet herkend omdat hoogbegaafde kinderen hun bijzondere eigenschappen verbergen wanneer ze zich aanpassen aan hun omgeving. Vaak wordt gedacht dat hoogbegaafde kinderen vanzelf hoge cijfers halen en bijna geen uitleg nodig hebben, dat is onterecht.

Hoogbegaafdheid komt ongeveer bij 2,5% van de bevolking voor. Ongeveer 0,1% is uitzonderlijk hoogbegaafd en heeft een IQ hoger dan 145.

Hoogbegaafdheid?

Vaak wordt hoogbegaafdheid gelijkgesteld aan hoge intelligentie. Dit is een belangrijk aspect maar hoogbegaafdheid is meer dan een hoog IQ. Het is een samenspel van diverse elementen zoals aanleg, gedrag, persoonlijkheid en omgeving. Het Informatiepunt Onderwijs, Hoogbegaafdheid en Excellentie van het SLO gebruikt de volgende definitie:

  • (Hoog)begaafde leerlingen beschikken over een in aanleg aanwezig potentieel om tot uitzonderlijke prestaties te komen, behorend bij de beste 10%, op één of meerdere begaafdheidsgebieden
  • De ontwikkeling van talent is een langdurig en dynamisch proces. Zowel persoonlijkheidseigenschappen als de interactie met de omgeving zijn mede bepalend voor de mate waarin het aanwezige potentieel tot zijn recht komt (Mönks, Heller, Gagné)
  • Een (hoog)begaafde leerling beschikt over een hoge intelligentie in combinatie met een creatief denkvermogen (Renzulli, Mönks, Sternberg)
  • Daarnaast is er sprake van een intrinsieke motivatie (doorzettingsvermogen) om een taak te volbrengen wat zich onder andere uit in een sterke gedrevenheid wanneer iets hun interesse heeft (Renzulli, Mönks)
  • (Hoog)begaafdheid is domeinspecifiek (Gardner, Heller en Gagné)
  • (Hoog)begaafdheid is geen eendimensionaal begrip dat is uit te drukken in een criterium als een IQ “score” > 130. Een hoge score is wel een sterke indicatie van een hoge intelligentie, maar een lagere score sluit dit niet uit. (Hoog)begaafdheid omvat in ieder geval meer dan een hoge intelligentie en intelligentie omvat meer dan een IQ test meet (Gardner, Sternberg)
  • Op een gemiddelde populatie heeft 10% van de leerlingen kenmerken die kunnen duiden op (hoog)begaafdheid (Mönks, 1995), waaronder indicaties die duiden op een hoge intelligentie.

Signaleren van hoogbegaafdheid

Het is belangrijk om zo vroeg mogelijk een potentieel hoogbegaafd kind te
signaleren, zodat er kan worden ingespeeld op de leer- en ontwikkelingsbehoeften om problemen te voorkomen.

‘Zonder goede begeleiding trekken deze leerlingen zich terug of worden juist drukker. Hoogbegaafde leerlingen gooien vaak het bijltje erbij neer en gaan kenmerken vertonen van een drop-out’, schrijven Peters en Hoogeveen, van het CBO en de Radboud Universiteit Nijmegen.

Zoektocht?

Sommige ouders vermoeden al vrij snel dat hun kind hoogbegaafd zou kunnen zijn omdat hun kind kenmerken laat zien van hoogbegaafdheid. Andere kinderen hebben zich zo aangepast aan de norm dat ze niets uitzonderlijks laten zien. Zij presteren onder hun werkelijke niveau, dit valt niet op omdat zij vrij gemiddeld presteren ten opzichte van andere kinderen (relatief onderpresteren). Pas op het moment dat zij worden aangesproken op hun capaciteiten (in bijvoorbeeld een plusklas) tonen zij hun bijzondere intelligentie en creatieve denkwijze. Absolute onderpresteerders presteren zelfs onder het groepsniveau.

Een deel van de ouders starten hun zoektocht als hun kind ‘probleemgedrag’ gaat vertonen. Als hoogbegaafde kinderen onvoldoende op hun eigen niveau worden aangesproken kunnen zij bijvoorbeeld extreem traag gaan werken, woede-uitbarstingen krijgen, geen aansluiting hebben met leeftijdsgenoten, tics en dwanghandelingen krijgen, passief of zelfs depressief gedrag tonen. Sommige kinderen worden bijzonder druk of juist dromerig. Dit gedrag kan ten onrechte worden gezien als ad(h)d of autisme omdat kenmerken overlappen en het kind wellicht onderpresteert.

Vaststellen hoogbegaafdheid en belang ervaren tester

Het is niet perse noodzakelijk om hoogbegaafdheid officieel te laten vaststellen. Toch kunnen ouders diverse redenen hebben om wel een onderzoek te laten uitvoeren, variërend van ‘school en ouders willen het graag weten, ‘het overtuigen van de juf’ tot ‘mijn kind beter kunnen begeleiden’.

De hoogte van het IQ kan worden bepaald met een intelligentieonderzoek, zoals de WISC III of een andere IQ test. Hoogbegaafdheid bestaat echter uit meer aspecten dan een hoog IQ. Daarom is het belangrijk dat een tester kennis heeft over en ervaring heeft met (het testen van) hoogbegaafdheid en ook kijkt naar de andere aspecten, zoals creativiteit. Uit een intelligentieonderzoek rolt alleen een cijfer. De observatie van de tester plaats dat cijfer in het juiste kader en legt uit wat dit betekent voor uw kind.

Ervaring en kennis hoogbegaafdheid

Het testen van uw kind verloopt meestal via school, huisarts (verwijzing) of u kiest zelf een tester. Juist omdat de ervaring met hoogbegaafdheid belangrijk is bij het herkennen en vaststellen, kunt u de potentiële tester van uw kind vragen naar zijn/haar ervaring met hoogbegaafdheid. Of u informeert bij andere ouders met hoogbegaafde kinderen naar hun ervaringen voordat u uw kind laat testen.

Vertrouwen in kennis en ervaring van de tester

Het is essentieel dat u vertrouwen heeft in de tester en dus in de uitkomst van het onderzoek. Een eventuele hertest kan namelijk pas na 1 á 2 jaar worden uitgevoerd om een leereffect te voorkomen.