Top 7 meest gestelde vragen over het vmbo

Veel leerlingen volgen een opleiding aan een vmbo. Het vmbo is een opleiding die leerlingen voorbereidt op een beroepsgerichte opleiding in het mbo. In dit artikel zijn de meest gestelde vragen over het vmbo samengevat.

1. Wat leer ik op het vmbo?

Vmbo is de afkorting voor voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs. Het is een vier-jarige opleiding, die leerlingen voorbereidt op een beroepsgerichte opleiding in het mbo.

Sectoren
Leerjaar 1 en 2 bestaat uit een algemeen lesaanbod met een breed vakkenpakket. Zo worden leerlingen zo goed mogelijk voorbereid op hun vervolgopleiding. In het derde leerjaar krijgen leerlingen naast de verplichte vakken ook keuzevakken, die bij het door hun gekozen profiel horen. Deze keuzevakken zijn meer gericht op de beroepsopleiding in het mbo. Het vmbo kent de volgende sectoren:

  • Zorg & Welzijn
  • Landbouw
  • Economie
  • Techniek

2. Wat zijn de leerwegen in het vmbo?

Er zijn vier leerwegen: de Theoretische leerweg, de Gemengde leerweg, de Kaderberoepsgerichte leerweg en de Basisberoepsgerichte leerweg. Leerwegen hebben invloed op welke vervolgopleiding je kunt gaan doen in het mbo. Bijvoorbeeld: leerlingen die nieuwe lesstof snel onder de knie hebben krijgen meer theorievakken.

De theoretische en de gemengde leerweg bereiden een leerling voor op een mbo-opleiding, op niveau 3 en 4. Met het juiste vakkenpakket kunnen deze leerlingen na het halen van het vmbo-diploma ook instromen in havo-4.

De kaderberoepsgerichte leerweg bereidt ook voor op opleidingen in het mbo op niveau 3 en 4. Leerlingen die deze leerweg volgen krijgen wel meer praktijkgericht onderwijs.

Basisberoepsgerichte leerweg bereidt voor op basisberoepsopleidingen in het mbo op niveau 2. Leerlingen die deze leerweg volgen, leren graag door zelf te doen.

3. Welke vakken kan ik in de vmbo bovenbouw kiezen?

Vanaf leerjaar 3 zijn er minder verplichte vakken. In plaats daarvan zijn er vakken die horen bij de gekozen leerweg, de gekozen sector en eventueel vakken uit het vrije deel. Leerlingen die theoretische leerweg volgen kiezen geen sector.

Verplichte vakken in de bovenbouw zijn:

  • Nederlands
  • Engels
  • Maatschappijleer
  • Lichamelijke Opvoeding
  • Ten minste 1 van de vakken beeldende vorming, dans of drama (afhankelijk welk vak de school aanbiedt)

De keuzeprogramma’s voor de verschillende leerwegen zijn als volgt opgebouwd:

  • Sector Techniek: wiskunde en natuur- scheikunde I
  • Sector Economie: economie en 1 van de vakken wiskunde, Frans Duits
  • Sector Zorg & Welzijn: biologie en 1 van de vakken maatschappijleer II, geschiedenis en staatsinrichting of aardrijkskunde
  • Sector Landbouw: Wiskunde en 1 van de vakken biologie of natuur- en scheikunde I

Naast de verplichte vakken en het keuzeprogramma kiezen leerlingen ook vakken in het vrije deel. Dit is afhankelijk van het aantal vakken waarin examen wordt afgelegd. Het is mogelijk om keuzevakken van een andere sector te volgen. De school kan er ook voor kiezen om eigen programma-onderdelen of afdelingsvakken aan te bieden.

4. Hoeveel uur krijg ik les op het vmbo?

Leerlingen moeten een minimum aantal uren aan onderwijstijd volgen. Het aantal uren is afhankelijk van het leerjaar. In de onderbouw volgen leerlingen minstens 1040 lesuren, in het derde leerjaar minstens 1000 uren en in het examenjaar minstens 700 uren. Deze uren omvatten ook de maatschappelijke stage en het vak lichamelijke opvoeding.

5. Hoeveel uur krijg ik een beroepsgericht programma?

Het vmbo is vanaf het derde leerjaar ingedeeld in verschillende leerwegen. De gekozen leerweg bepaalt de omvang van het beroepsgericht programma.

Zowel de kaderberoepsgerichte leerweg als de basisberoepsgerichte leerweg kent een beroepsgericht programma van 12 uur per week. Het niveau van de lesstof ligt bij de kaderberoepsgerichte leerweg ligt iets hoger ten opzichte van de basisberoepsgerichte leerweg.

De gemengde leerweg kent een beroepsgericht programma van 4 uur per week. Dit is tevens het enige verschil met de theoretische leerweg. De vakken zijn ook van hetzelfde niveau. Leerlingen van de theoretische leerweg volgen in principe geen beroepsgericht programma, omdat zij geen sector kiezen. Het is mogelijk dat de school hier van afwijkt. Het precieze vakkenpakket kun je nalezen in de schoolgids.

6. Ik doe volgend jaar eindexamen. Hoe stroom ik door naar het havo?

Havo-scholen stellen vaak een aantal eisen voor doorstromers vanuit het mbo. Het toelatingsbeleid voor doorstromers staat vermeld op de website van de school. Bekijk altijd het toelatingsbeleid van de school waar je je havo-opleiding wil volgen. Als je als leerling het toelatingsbeleid voor doorstromers volgt, dan ben je altijd op tijd.

Het is verstandig om aan het begin van het derde schooljaar te starten met inlezen over de doorstroom naar het havo. De behaalde cijfers in het derde schooljaar hebben namelijk al invloed op het gemiddeld eindexamencijfer. Havo-scholen mogelijk maximaal een 6,8 als gemiddeld eindexamencijfer als eis stellen. Het advies van de vmbo-school en de houding van de leerling wegen ook mee bij de toelating. Het havo is niet voor iedere vmbo-leerling geschikt. Als leerling is het dus belangrijk dat je zo goed mogelijk presteert op het vmbo, zodat je na het eindexamen naar het havo kunt.

7. Ik hoop volgend jaar te slagen voor het eindexamen. Moet ik daarna nog naar school?

Ja, leerlingen moeten tot hun 18e verjaardag naar school. Leerlingen die een startkwalificatie halen voor hun 18e verjaardag hoeven niet meer naar school. Een vmbo-diploma is geen startkwalificatie, want deze opleiding bereidt scholieren slechts voor op een beroepsopleiding.

Meer informatie over de startkwalificatie lees je hier: www.onderwijsconsument.nl/kwalificatieplicht.