Mijn kind heeft een leerachterstand op de basisschool, wat nu?

Geplaatst door Rosalie Anstadt op 18 juni 2021
Een kind heeft een leerachterstand als het ten opzichte van de gemiddelde leerling achterloopt op bijvoorbeeld lezen, spelling of rekenen. Leerkrachten kunnen een leerachterstand signaleren door observaties, methodetoetsen en leerlingvolgsysteem-toetsen. Als uw kind een leerachterstand heeft, maakt de leerkracht een handelingsplan voor in de klas. Daarnaast kan de leerkracht een remedial teacher of een onderwijsassistent inzetten. Maar ook ouders kunnen hun kind thuis helpen met de leerstof. Begin groep 8 maken sommige leerlingen de leerachterstandstoets (LAT).

Wat is een leerachterstand?

Een kind heeft een leerachterstand op de basisschool als het ten opzichte van de ‘gemiddelde leerling’ achterloopt op bijvoorbeeld lezen, spelling of rekenen. Een ‘gemiddelde leerling is in dit geval een leerling met dezelfde leeftijd en hetzelfde genoten onderwijs.

Een leerkracht signaleert een leerachterstand bij een leerling door observaties, methodetoetsen en leerlingvolgsysteemtoetsen, zoals Cito. Een onderdeel uit Cito dat het aantal maanden in achterstand meet is DLE (Didactische Leeftijds Equivalent).

Meer weten over leerachterstanden in het basis- en voortgezet onderwijs? Lees dan: ‘Hoe kan mijn kind alsnog overgaan of een leerachterstand inhalen?’ 

Oorzaken leerachterstand

De oorzaak van een leerachterstand verschilt per kind. Dat een kind minder leert dan dat het in zijn mars heeft (leerpotentie) kan bijvoorbeeld komen door:

  • De school: een kind krijgt niet goed les;
  • Het kind: persoonlijkheid of motivatie;
  • De achtergrond van het kind: ouders, vrienden, de buurt waar hij woont.

Het kan ook gaan om een combinatie van bovenstaande factoren. Bron: ‘Effectieve interventies leerachterstanden in het primair onderwijs’, Centraal Planbureau, 6 juni 2018.

Een vroege signalering

Een leerachterstand kan invloed hebben op de verdere schoolloopbaan van een kind. Bovendien blijkt uit onderzoek dat als kinderen beter presteren in het onderwijs, dit hun kansen in het leven verhoogt. Denk hierbij aan meer kans op economische zelfstandigheid, een hoger inkomen en een betere gezondheid. Daarom zijn een vroege signalering van een leerachterstand en een plan van aanpak nodig.

Plan van aanpak: leerachterstand op basisschool wegwerken

De school is verplicht om ouders/verzorgers op de hoogte te houden van de vorderingen van hun kind (Art. 11 WPO). De school houdt deze vorderingen bij in een leerling- en onderwijsvolgsysteem (Art. 8 lid 6 WPO).

Als de leerkracht een leerachterstand bij een leerling constateert, maakt zij een handelingsplan. Hierin staat hoe groot de leerachterstand is en wat de leerkracht, de ouders en de leerling daaraan gaan doen. De leerkracht bespreekt dit handelingsplan met de ouders en het kind.

Middelen in de klas

Afhankelijk van de grootte van de leerachterstand, zet de leerkracht eerst middelen in de klas in. Voorbeelden van middelen in de klas zijn:

  • Pre-teaching: leerlingen krijgen vóór de klassikale les alvast uitleg over de lesstof. Als leerlingen vervolgens zelfstandig aan de slag gaan, hebben zij twee keer een instructie gehad. Zo maken ze vaak minder fouten en krijgen ze meer zelfvertrouwen. Pre-teaching is een vorm van differentiatie;
  • Verlengde instructie: na een klassikale instructie herhaalt de leerkracht de uitleg voor een paar leerlingen in een klein groepje. De leerlingen maken vervolgens extra oefeningen. Ook bereidt de leerkracht de kinderen vast voor op de volgende les. Verlengde instructie is een vorm van differentiatie; 
  • Hulp bij planning: de leerkracht biedt het kind meer structuur en overzicht bij het werk in de klas. Het kan namelijk zijn dat een kind niet overziet wat het allemaal moet doen op een dag, waardoor het zijn werk niet afkrijgt. Hierdoor kan een achterstand zijn ontstaan;
  • Remediëren (herhalen van de lesstof): vaak geldt een leerachterstand voor specifieke vaardigheden, zoals hoofdrekenen of op tempo lezen. Als een leerling hier dagelijks of wekelijks mee oefent, kan hij zijn achterstand vaak inhalen.

Meer informatie over differentiatie in de klas? Lees dan ‘Differentiatie in de klas: wat werkt?’ van de Kennisrotonde van NRO.

Remedial teacher of onderwijsassistent

Als deze middelen niet voldoende effect heeft kan een school soms een remedial teacher of een onderwijsassistent inzetten. Zij kunnen uw kind extra begeleiden bij de leerstof. Uit onderzoek blijkt namelijk dat als assistenten onderwijsinhoudelijke taken hebben, de leerprestaties van kinderen verbeteren.

Effectieve interventies leerachterstand basisschool

Er is de laatste jaren veel onderzoek gedaan naar welke interventies werken om leerachterstanden tegen te gaan. Daarom heeft het Cultureel Planbureau in 2018 in een notitie aan het ministerie van OCW een aantal effectieve interventies op een rij gezet:

  • Zet een goede leerkracht voor de groep. Een goede leerkracht heeft veel invloed op wat een kind leert. Met ‘goed’ wordt vooral een leerkracht bedoeld die een goede interactie heeft met kinderen. Helaas is deze interventie door het huidige lerarentekort niet altijd haalbaar;
  • Geef kleuters uit achterstandsposities extra les in bijvoorbeeld rekenen of taal. Deze lessen moeten aansluiten bij reguliere lessen en moeten bewezen effectief zijn;
  • Verklein de klas;
  • Leg de lat hoog en daag kinderen uit;
  • Zet een zomerschool op en ga daarin veel lezen met de kinderen. Een zomerschool gericht op lezen voorkomt kennisverlies in de vakantie. Uit onderzoek blijkt dat kinderen een jaar na de zomerschool nog steeds beter lezen dan als ze hier niet naartoe waren gegaan;
  • Stimuleer kinderen om thuis tijdens de zomervakantie te lezen om kennisverlies tegen te gaan;
  • Ondersteun en stimuleer ouders om thuis met hun kind te leren en te lezen.

Bron: ‘Effectieve interventies leerachterstanden in het primair onderwijs’, Centraal Planbureau, 6 juni 2018.

De leerachterstandstoets (LAT)

Bij leerlingen die na groep 8 vermoedelijk doorstromen naar het praktijkonderwijs, vmbo-basis of vmbo-kader, wordt vaak de leerachterstandstoets (LAT) afgenomen. Met de LAT brengt een leerkracht begin groep 8 in kaart of een leerling een leerachterstand heeft en hoe groot die is. Bij een verwacht uitstroomprofiel havo of vwo wordt geen LAT afgenomen.

Meer informatie over de LAT? Lees dan: ‘Wat meet de leerachterstandstoets (LAT)?’