Wat verwachten Amsterdamse ouders van Passend Onderwijs?

Leden van de ondersteuningsplanraden, directeuren samenwerkingsverbanden, Marieke Boon van steunpunt medezeggenschap passend onderwijs en discussiepanel op het podium in De Balie.
In de Balie kwamen op 20 januari 2014 circa 75 ouders bijeen op een door OCO georganiseerde bijeenkomst om te praten over passend onderwijs in Amsterdam. De directeuren van de Amsterdamse samenwerkingsverbanden presenteerden hun plannen, de ondersteuningsplanraden werden voorgesteld (aan hun achterban) en ouders hadden gelegenheid om vragen te stellen. Klik hier voor het programma van de bijeenkomst.

Verslag

Hieronder een verslag dat de vragen en verwachtingen van ouders opsomt.

Wat is het gewenste niveau van basisondersteuning?

  • Scholen moeten hun verantwoordelijkheid nemen en alle kinderen met een ‘rugzakje’ aannemen.
  • Extra ondersteuning buiten de school altijd in overleg met ouders.
  • Passend onderwijs zorgt voor een kwaliteitsverbetering waar alle leerlingen profijt van hebben.

Welke procedures en criteria gelden voor de toewijzing van de ondersteuning?

  • Het ontwikkelingsperspectief moet niet alleen door ouders, maar ook door ib’er en leerkracht ondertekend worden, zodat deze erop aangesproken kunnen worden.
  • Een (externe) diagnose moet mogelijk blijven en er moet duidelijk zijn wie dit mag aanvragen.
  • Een school moet aangeven welke extra ondersteuning in de school geboden kan worden. Ouders moeten een second opinion kunnen aanvragen.

Welke verwachtingen hebben ouders van de ondersteuningsstructuur voor de leerkrachten (specialistische expertise)?

  • De huidige expertise moet behouden blijven in het samenwerkingsverband.
  • Extra ondersteuning moet veel meer in de klas plaatsvinden.
  • Niet meer kinderen naar het speciaal onderwijs.

Deskundigheidsontwikkeling: Hoe denken ouders over de ontwikkeling die leerkrachten zouden moeten doormaken om voldoende om tekunnen gaan met verschillen?

  • Ouders willen weten wat het scholingsplan voor leerkrachten is.
  • Ouders kunnen aangeven welke scholing voor leerkrachten nodig/gewenst is.

Hoe moet een dekkend aanbod binnen een samenwerkingsverband eruit zien?

  • Na de invoering van passend onderwijs zijn er geen thuiszitters meer.
  • Er moet duidelijkheid zijn over de toelating en op welke grond een andere school in het samenwerkingsverband gezocht wordt.

Wat verwachten ouders van doorlopende leerlijnen tussen de ene en de andere school?

  • Duidelijk moet zijn waar (medische) informatie zich bevindt en wie deze krijgt: de ouders zijn eigenaar.
  • Openheid over de extra zorgbehoefte van een kind mag plaatsing op een gewenste school niet in gevaar brengen.
  • Informatie over wat werkt moet worden doorgegeven aan een volgende school.

Welke criteria stellen ouders aan een ondersteuningsplanraad (OPR)?

  • De ouders moeten kunnen meepraten over de inrichting van het samenwerkingsverband.
  • De ondersteuningsplanraad moet herkenbaar en bereikbaar zijn voor de achterban.

Download volledig verslag duo decimo

Door samenwerking met het landelijke netwerk ouderinitiatieven (NWOI) was het mogelijk dat een verslag van de avond werd gemaakt door Duo Decimo als onderdeel van het project ‘Wat ouders verwachten van Passend onderwijs’. Bovenstaande vragen en verwachtingen van ouders maken onderdeel uit van dit verslag. Zie voor het volledige verslag het pdf bestand Wat ouders verwachten van Passend onderwijs, 20 januari 2014 Amsterdam.

Slotwoord Frank Hoogeboom

“De twee grote stelselwijzigingen, passend onderwijs en zorg voor jeugd, vragen heel veel, en soms teveel, van de samenwerkingsverbanden, de scholen, de besturen en de gemeenten. Er wordt heel hard aan gewerkt, maar lang niet alle consequenties zijn goed te overzien. Vandaar dat men pragmatisch is bij plannen en implementeren. Dat ontslaat ons echter niet van de plicht toch een aantal aspecten op de langere termijn te zien en te kijken waar verdere ondersteuningsmogelijkheden liggen. Ook op de korte termijn liggen er nog een aantal voor ouders belangrijke vragen over de zorgplicht.

Vol is vol, dat is door de wetgever gemeld en ook door het samenwerkingsverband primair onderwijs ter sprake gebracht.
Als er al criteria zijn, dan zijn ze veel te weinig geëxpliciteerd. Ouders die naar het oordeel van de school te weinig informatie verstrekken over de achtergrond van de extra ondersteuningsvraag kunnen te horen krijgen dat de school de ondersteuningsvraag niet in behandeling neemt. Wat is echter onvoldoende (te weinig) informatie en wat waar ligt de grens m.b.t. de relevantie van informatie?
De vraag over de extra ondersteuning blijft nog onbeantwoord. Wanneer slaat basisondersteuning om in extra ondersteuning? Kan het zijn dat dit op scholen verschillend uitgewerkt wordt, zodat leerlingen met dezelfde problematiek op school A wel in aanmerking komen voor extra ondersteuning en op school B niet? Dat zou toch tot een ongelijke behandeling kunnen leiden. En de stem van de ouders hierin. School acht extra ondersteuning nodig, de ouders niet. Zeker gezien het feit dat niet duidelijk is wanneer basisondersteuning tekort schiet, is dit toch een open vraagstuk. Wat kan een ouder dan? Ook omgekeerd, ouders achten extra ondersteuning nodig, maar de school niet. Terwijl de ouders een vergelijkbaar geval kennen dat wel extra ondersteuning krijgt.
Er is melding gemaakt van het feit dat de samenwerkingsverbanden passend onderwijs nadrukkelijk niet als inclusief onderwijs beschouwen. Dat is zeker in dit prille begin van de stelselwijziging goed te begrijpen. De vraag is echter of de visie op de wat langere termijn niet toch meer richting inclusie moet gaan. Acceptatie en integratie van kinderen met handicaps verdienen het om nog eens principieel tegen het licht gehouden te worden.”