Wat is het atheneum?

Het atheneum is een richting binnen het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo). Het vwo duurt in principe altijd zes jaar. Met een vwo-advies kan je naar het atheneum of gymnasium. Vergeleken met het gymnasium volg je op het atheneum niet de vakken Grieks en Latijn.

Vwo

Het atheneum vormt samen met het gymnasium het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo). Het is daarmee één van de twee richtingen van het vwo. Beide richtingen van het vwo duren zes jaar.

Vooropleiding voor universiteit

In tegenstelling tot een vmbo-diploma geldt een havo- of vwo-diploma wél als een startkwalificatie. Dit houdt in dat je na het afronden van het atheneum niet verplicht bent om een vervolgopleiding te volgen. Daarentegen bereidt het vwo leerlingen voor op een wetenschappelijke opleiding aan de universiteit (art. 7 lid 1 WVO). Met beide vwo-richtingen kan je na het behalen van het diploma starten met een universitaire bachelor.

Instroom

De basisschool geeft bij het schooladvies voor het voortgezet onderwijs al een indicatie voor het verwachte schoolniveau. Basisscholen zijn verplicht om een eindadvies te geven. Het uiteindelijke schooladvies, dat na de uitslag va de eindtoets bijgesteld kan worden, is leidend om toegelaten te worden tot het vwo. Dat kan een enkelvoudig advies zijn (vwo), maar ook een dubbeladvies (havo/vwo). Als je een vwo-advies krijgt, dan betekent dit dat je zowel naar het atheneum als gymnasium kan. Het niveau van de vakken van beide richtingen is namelijk gelijk. Meer informatie over het schooladvies is te vinden in het artikel Veelgestelde vragen over het schooladvies.
Wil je weten welke vakken je ieder jaar krijgt in het vwo? Lees dan het artikel Welke vakken krijg je op het vwo (atheneum en gymnasium)?

Profielen

Het vwo kent verschillende profielen. Leerlingen kiezen aan het einde van het derde leerjaar een profiel. Vanaf het vierde leerjaar bestaat het programma uit een aantal verplichte vakken, de profielvakken en een aantal keuzevakken. Momenteel zijn er vier profielen waaruit leerlingen kunnen kiezen (art. 12 lid 3 WVO):

  • Cultuur en maatschappij
  • Economie en maatschappij
  • Natuur en gezondheid
  • Natuur en techniek

Doorstroom en aansluiting op hbo

VWO bereidt leerlingen voor op een bachelor-opleiding in het hoger onderwijs. Met een diploma op zak kan een leerling meestal zonder aanvullende toelatingseisen starten met een universitaire bachelor-opleiding. Sommige afgestudeerden gaan op zoek naar een baan. Na de bachelor-opleiding kunnen studenten starten met een universitaire master, met een verdieping van de eerder opgedane leerstof. Niet alle leerlingen stromen (gelijk) door naar de universiteit. Er zijn ook leerlingen die bijvoorbeeld tijdelijk gaan werken of een reis maken. Sommige leerlingen gaan helemaal niet studeren. Dit is toegestaan, omdat je met een vwo-diploma niet meer kwalificatieplicht bent. Meer informatie over de kwalificatieplicht is te lezen in het artikel Wat betekent kwalificatieplicht?.

Doorstroom naar vwo

Na het behalen van het havo-diploma kan een scholier doorstromen naar vwo-5. Het is mogelijk dat scholen aanvullende eisen stellen voor leerlingen die willen instromen. Dit is toegestaan. Denk bijvoorbeeld aan een gemiddeld eindcijfer, het schrijven van een motivatiebrief of een kennismakingsgesprek. In Nederland stromen circa 2.000 leerlingen per jaar door van havo naar vwo. In Amsterdam zijn dit er ongeveer 100.

Geen klassieke talen

Op het gymnasium is altijd aandacht voor Latijn en Grieks. Daarmee onderscheidt het gymnasium zich van het atheneum. Examenkandidaten op het gymnasium leggen verplicht examen af in tenminste één van deze twee klassieke talen. Dit vak maakt onderdeel uit van het gemeenschappelijk deel en is daarmee een verplicht vak (art. 13 lid 2 onder c WVO).

Wel tweede vreemde taal op atheneum

Op het atheneum volgen leerlingen evenveel vakken. In plaats van Latijn of Grieks is dit een andere vreemde taal, bijvoorbeeld Frans of Duits (art. 13 lid 1 onder e WVO).

Verschillen in de praktijk

Scholen splitsen het vwo soms in de onderbouw al op in atheneum en gymnasium. Dit merken leerlingen in het aantal uren Latijn, Grieks, Frans of Duits. De verschillen tussen het gymnasium en het atheneum worden dan zichtbaar. Als je iedere week 2 uur extra Latijn en Grieks volgt, dan krijg je bijvoorbeeld minder vaak les in Frans en Wiskunde. Het totaal aantal lesuren voor beide richtingen is gelijk. De verschillen in de praktijk zijn groot. Als je zeker wilt weten hoeveel uren je ergens les in krijgt, dan kan je beste de schoolgids raadplegen.