LAT, CAP, SEM: extra onderzoek voor recht op leerwegondersteuning of praktijkonderwijs

Sommige leerlingen worden voordat ze een schooladvies krijgen geconfronteerd met een of meerdere extra onderzoeken. Dit zijn de LAT, CAP en SEM. De leerachterstandentoets (LAT) meet of er sprake is van een leerachterstand en hoe groot deze leerachterstand is. Met het capaciteitenonderzoek (CAP) worden de capaciteiten van de leerling gemeten. Als een CAP geen verklaring biedt voor de leerachterstand, dan wordt  een sociaal-emotioneel onderzoek (SEM) afgenomen. De onderzoeken zijn nodig voor het recht op toegang tot vmbo met leerwegondersteuning (lwoo) of praktijkonderwijs (pro).

LAT of adaptieve toets

De leerachterstandentoets (LAT) meet of er een leerachterstand is en hoe groot die is. De LAT wordt ook wel het didactisch onderzoek genoemd. De LAT is geen psychologisch onderzoek maar een aanvullende toets, daarom is geen toestemming nodig van de ouders.

De LAT werd meestal vroeg in het schooljaar van groep 8 afgenomen door de basisschool. In Amsterdam wordt inmiddels gebruik gemaakt van adaptief toetsen (zich aan het niveau aanpassende toets) eind groep 7.

Meer achtergrondinformatie over de LAT is te lezen in het artikel Wat meet de leerachterstandentest (LAT)?

Toelaatbaarheid voor lwoo of praktijkonderwijs

Scholen voor vmbo met lwoo werken met kleinere klassen en meer handen in de school om de leerlingen extra ondersteuning te kunnen bieden. Dankzij dit leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) kan de leerling ondanks de leerachterstand aan het einde van de basisschool toch een vmbo-diploma halen.

Voor toegang tot vmbo met lwoo is minimaal een leerachterstand tussen de anderhalf jaar en drie jaar vereist. Toegang tot het praktijkonderwijs is mogelijk bij een leerachterstand van minimaal 3 jaar.

Voordat leerlingen ‘toelaatbaar’ zijn tot vmbo met leerwegondersteuning of praktijkonderwijs wordt eerst nog gezocht naar de oorzaak van de  leerachterstand, zodat duidelijk is wat voor soort ondersteuning de leerling nodig heeft. Om dat vast te stellen wordt er een capaciteitenonderzoek (CAP) afgenomen en eventueel ook een sociaal-emotioneel onderzoek (SEM).

Als het goed is bieden de uitslagen voor de LAT, CAP en/of SEM aanknopingspunten dat de extra ondersteuning op vmbo met lwoo of in het praktijkonderwijs aansluit op de behoefte van de leerling. Aarzel niet hierover vragen te stellen aan de groepsleerkracht of de intern begeleider (IB-er) op de basisschool.

CAP

Het capaciteitenonderzoek (CAP) wordt ook wel intelligentietest of cognitief onderzoek genoemd. Een CAP wordt uitgevoerd bij leerlingen die minimaal een leerachterstand van 25% hebben op tenminste twee leerdomeinen.

Het capaciteitenonderzoek wordt afgenomen tussen september en december. Meer achtergrondinformatie over de CAP is te lezen in het artikel Wat is en meet het capaciteitenonderzoek (CAP)?

SEM

Als de leerachterstand niet verklaard kan worden door een beperkt intelligentieniveau (als het IQ hoger is dan 90), dan wordt een sociaal-emotioneel onderzoek afgenomen om te onderzoeken of sociaal-emotionele problemen de oorzaak zijn van de leerachterstand.

Meer achtergrondinformatie over de SEM is te lezen in het artikel Wat is en meet het sociaal emotioneel onderzoek (SEM)?

Ouders op de hoogte via oki-doc

In het onderwijskundig informatie document (oki-doc) worden door de basisschool alle onderwijskundige en onderzoeksgegevens vastgelegd die nodig zijn voor toelating op een school voor vmbo met leerwegondersteunend onderwijs of op een school voor praktijkonderwijs. Ouders hebben recht op een kopie van het oki-doc. De basisschool dient de ouders een toelichting te geven op de inhoud van het oki-doc, voordat het wordt overgedragen aan een school voor voortgezet onderwijs.

Geen onderzoekskosten voor ouders

In Amsterdam worden de benodigde onderzoeken uitgevoerd terwijl de leerlingen nog op de basisschool zitten. De kosten worden gedragen door het Samenwerkingsverband voortgezet onderwijs Amsterdam-Diemen. Ouders hoeven hier niet voor te betalen als het onderzoek wordt uitgevoerd in het kader van de Kernprocedure, de afspraken tussen de schoolbesturen en de gemeente over de overstap van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs. Indien ouders zelf onderzoek aanvragen zijn de kosten meestal voor de ouders.

Rol van het samenwerkingsverband

De beslissing of een leerling aan de hand van deze onderzoeksgegevens leerwegondersteuning of praktijkonderwijs nodig heeft en de betreffende school daar extra financiering voor krijgt ligt bij het samenwerkingsverband. Het samenwerkingsverband is daarbij gebonden aan de criteria in art. 15d van het Inrichtingsbesluit WVO.